Dolf Kern over klimaatverandering: “Accepteer het en pas je aan”

We kunnen er niet meer omheen. De klimaatverandering beginnen we meer en meer aan den lijve te ondervinden. Een van de effecten zijn korte fikse buien, waar we de afgelopen jaren al en in de toekomst steeds vaker mee te maken krijgen. Daarnaast is er de uitdaging van periodes van droogte waardoor vooral verzilting en hittestress optreden. Hoe kunnen we daar het beste mee omgaan?  

Dolf Kern is beleidsadviseur bij Rijnland en houdt zich ook op nationaal niveau strategisch bezig met voldoende water. Waarbij het zowel over droogte als over wateroverlast gaat en alles wat daarmee samenhangt. Klimaatverandering is een grote opgave voor waterbedrijven. “Wat wij doen vindt iedereen heel normaal: Natuurlijk klotst het water bij veel neerslag niet over de dijken en natuurlijk komt er schoon drinkwater uit de kraan. Maar door de gevolgen van klimaatverandering zoals nu de aanhoudende droogte, ziet iedereen dat het toch wel een flinke opgave is. Iedereen zal blij zijn als wij oplossingen weten te vinden hoe om te gaan met de steeds extremere weersomstandigheden.”

Zoet water

Het gebied van Rijnland is kwetsbaar bij droogte. Kern: “Er komt hier zout naar boven. Dat zout moeten we wegspoelen met zoet water. We hebben te maken met veengrond en veendijken en die mogen niet uitdrogen.”  Als er weinig water door de Rijn stroomt heeft Rijnland te maken met een lage Rijn afvoer waardoor het inlaadpunt bij Gouda zout kan worden. Vanuit het Deltaprogramma is dit probleem onderzocht, vertelt Kern.  Zij stelde zichzelf de vraag: Als de droge zomers aanhouden, hoe kunnen wij hier dan het beste mee omgaan? Een technische oplossing is om het water meer stroomopwaarts op te halen door het water niet meer in te nemen bij Gouda maar bij het Amsterdam-Rijnkanaal. In 2018 is vanuit het Deltaprogramma voor het eerst de proef op de som genomen om dit op deze wijze aan te pakken.

Klimaatveranderingen

“Voor ons is de rivier de Rijn heel belangrijk. Het wordt niet alleen droger in Nederland, maar ook in heel  Zuid-Europa wordt het alsmaar droger. Gletsjers vallen weg. Tegelijkertijd zien we ook dat  door een warmere Noordzee het noordelijk deel van Europa vochtiger wordt”, schetst Kern de gevolgen van de huidige klimaatveranderingen. De vraag is wat voor effect dat nou precies op de Rijn gaat hebben. “Dat weten we dus niet precies,” zegt Kern. De mensen die dat het beste weten zijn de deskundigen van Rijkswaterstaat en Deltares. Zij spreken ook op internationaal niveau met onder meer de Duitsers.

Meerdere scenario’s

Uit die gesprekken komen meerdere scenario’s voort. Dat varieert van het wordt een beetje droog tot het wordt heel erg droog. “Maar dan weet je nog niet waar je aan toe bent,” aldus Kern.  “Ga je rekening houden met het droogste scenario? Dan zijn de maatregelen die we moeten nemen wel heel kostbaar. Maar wat doen we om er in ieder geval voor te zorgen dat je niet te laat bent? Dat heet adaptief deltamanagement. Telkens naar voren kijken en vanuit de huidige situatie ook rekening houden met de lange termijn en de vele onzekere factoren waar wij door de klimaatveranderingen mee te maken hebben. Dat is waar we nu continue mee bezig zijn.”

Intensieve neerslag

Het moeilijke voor iedereen die zich hiermee bezighoudt is dat niemand weet hoe het klimaat gaat veranderen. “We weten allemaal dat het warmer wordt.  Als gevolg van de warmte wordt de neerslag ook intensiever. Dat is aantoonbaar. Door een warmere atmosfeer krijg je te maken met meer vocht in de lucht en daar zit meer energie in met als gevolg heftige regenbuien. Het is een gegeven en waar wij op kunnen anticiperen”, aldus Kern. “Wat heel belangrijk is, is dat we het nationale Deltaprogramma hebben.” Hij zit namens Rijnland in het programmateam zoet water. “Het waterbeheer is lange tijd reactief op rampen gestuurd. Pas als er een overstroming gebeurde, kwam men in actie. Toen in 1953 Zeeland onderliep, was dat de aanleiding voor de Deltawerken. De Deltacommissie onder aanvoering van oud-minister Cees Veerman is in 2008 tot het advies gekomen om te gaan anticiperen. Zodat we ons voorbereiden op bijvoorbeeld overstromingen en niet wachten tot de ramp gaat plaatsvinden. Daar zijn we nu al sinds 2010 mee bezig”.

Accepteren

Het moeilijke aan de klimaatverandering is dat er veel onzeker is. Daarom worden er meerdere scenario’s geschetst. Van een beetje wateroverlast tot heel veel overlast maar ook de economische omstandigheden kunnen variëren. “Met de toegenomen neerslag weten we niet of we die maatstaven nog kunnen halen. We blijven ons best ervoor doen, maar we moeten leren accepteren dat er wateroverlast is”, schetst Kern de huidige stand van zaken. Daar komt bij dat het in de toekomst te veel geld kost om permanent droge voeten te houden. Een lastige boodschap vindt hij als beleidsadviseur. Soms zijn er maatregelen zoals: gaten graven voor open water. “Maar daar wil in een gebied niemand grond voor opofferen. Dus rest ons niets anders dan waterloverlast te accepteren”.

Meer neerslag

Vooruit kijkend met de wetenschap over de klimaatverandering van nu, is het de vraag hoe het weer er over pakweg dertig jaar uitziet? Hebben we dan in augustus continue stortbuien? “Als we de temperatuurstijging niet kunnen keren moeten we daar serieus rekening mee houden”, zegt Kern. “Die heftige regenbuien nemen toe. Met die toename van neerslag leren we steeds beter omgaan. We worden slimmer in het voorspellen van het weer en zijn ons bewuster van mogelijke wateroverlast. Daar richten we de openbare ruimte steeds vaker beter op in.”

Overleven

Kern geeft aan dat als het om rampen gaat we in Nederland geen idee hebben wat we als burgers kunnen doen. Er wordt vooral gekeken naar de overheid. Heel anders is dat in de Verenigde Staten waar iedereen 72 uur kan overleven mocht er een orkaan of andere natuurramp gebeuren. In Amerika leggen ze de focus op Fase 3: crisisbeheersing. Omdat we in Nederland tot nu toe weinig ervaring hebben met crisissituaties, zijn wij daar minder goed in. Wij zijn weer beter in fase 1: preventie. Dat zie je ook. Sinds de jaren vijftig is er maar twee keer een regionale kade doorgebroken in Nederland.” Kijkend naar de toekomst zou Kern voor Nederland inzetten op fase 2: gevolgbeperking. “Accepteren dat er op gezette tijden in beperkte mate wateroverlast kan ontstaan en daar slim mee om leren gaan”.

                                                                                    

Delen

Share on facebook
Share on twitter
Share on linkedin