Foto: Roland Reinders. Locatie: polderdak de Boel van Vesteda in Amsterdam (In verband met de coronacrisis is de foto genomen op het polderdak de Boel van Vesteda in Amsterdam).

Circulair is het nieuwe normaal

Afvalwater volledig hergebruiken? Als het aan Rijnland en Dunea ligt wel. Slib kun je verbranden voor energie, of je maakt er grondstoffen van. Waardevolle mineralen in het afvalwater worden hergebruikt en zelfs de viezigheid heeft een waarde. Rijnland en Dunea dragen steeds meer bij aan een circulaire economie. En het is nog maar het begin. ‘Verduurzaming lukt alleen als je telkens de samenwerking opzoekt en innovatieve bedrijven uitdaagt om mee te doen.”

Aan het woord is Esther Verhoeven. Als strategisch adviseur duurzaamheid en innovatie zet zij zich binnen Rijnland in voor een circulaire economie. “Samen met Dunea streven we naar een toekomstbestendige, duurzame delta waarin wordt gewerkt aan klimaatoplossingen. Circulariteit is daar onderdeel van. Onze bijdrage is echt een langetermijnopgave, waarbij we sommige dingen vandaag al en andere morgen kunnen oppakken.” 

We verbruiken te veel
Bij een circulaire economie gaat het er in de basis om dat grondstoffen schaars zijn en in snel tempo uitgeput raken door de manier waarop onze economie werkt. Verhoeven: “We gebruiken per jaar meer dan onze aarde te bieden heeft. Op termijn gaat dat mis.  Als we grote afvalstroom die we met elkaar veroorzaken, ombuigen naar een circulair systeem, waarin afval weer grondstof wordt, dan zorgen we ervoor dat we in de toekomst in een schonere wereld leven en ook nog genoeg grondstoffen hebben. Daarnaast moeten we onze natuurlijke hulpbronnen zoals ons water natuurlijk ook zo min mogelijk vervuilen.”

Waardevolle stoffen
Het overheidsdoel is: Nederland volledig circulair in 2050. Ook Rijnland en Dunea gaan daaraan bijdragen en zetten zich in om steeds duurzamer, energieneutraal en circulair te worden. “Op sommige punten zal het waterbeheer fundamenteel veranderen”, zegt Verhoeven. Als voorbeeld noemt ze het slib uit het afvalwater van Rijnland. “Dat verbranden we nu en dat levert energie op. Maar we kunnen ook andere dingen van slib maken, zoals vetzuren of bioplastics. Dat zijn waardevolle grondstoffen voor de toekomst. Maar denk ook aan de kwaliteit van oppervlaktewater. Een extra zuiveringsstap zorgt ervoor dat afvalwater weer helder en ecologisch goed water kan worden. Dat is fantastisch. Deze techniek wordt al toegepast bij de Waterfabriek Wilp van waterschap Vallei en Veluwe. Maar dit vraagt wel om een fundamenteel andere denk- en werkwijze.” 

Mestkorrels
In ons afvalwater zitten – behalve water – nog meer waardevolle grondstoffen, zoals struviet en fosfaat. AquaMinerals – een initiatief van de Nederlandse drinkwaterbedrijven – is een innovatieve organisatie die voor afvalstromen van waterschappen nieuwe bestemmingen probeert te vinden. 25 jaar geleden al begon het bedrijf met het zoeken naar nieuwe toepassingen voor reststoffen van zandfiltratie en waterontharding. Intussen hebben ze zich verbreed en volledig toegelegd op de circulaire economie. Verhoeven: “Struviet is een voorbeeld van zo’n reststroom. Je vindt dit mineraal in leidingen. Het wordt preventief verwijderd, omdat het schade kan veroorzaken, met hoge onderhoudskosten tot gevolg. Van het verwijderde struviet worden onder andere mestkorrels gemaakt.”

Blauwe daken
Het ontstaan van de start-up onderneming Blue Roof is nog zo’n interessante ontwikkeling, vertelt Verhoeven. “Zij verzamelen roostergoed. Dat is de eerste viezigheid afkomstig uit het afvalwater. Blue Roof maakt daar een substraat van voor groene daken. Deze uitvinding is licht in gewicht, voedzaam en zeer waterbergend.” 

Met de aanleg van een zogeheten blauw dak kan de CO²-uitstoot met wel vijf kilo per vierkante meter worden voorkomen. De daken leveren niet alleen een langdurige bijdrage aan biodiversiteit, het is ook een goede oplossing voor verschillende maatschappelijke opgaven, meent Verhoeven. “Blue Roof is ontstaan uit een innovatiechallenge uitgeschreven door het Hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard,” vertelt Verhoeven. “Het waren twee studenten die meededen en wonnen. Zij zijn vervolgens met Blue Roof gestart en proberen nu samen met AquaMinerals schaalgrootte te vinden. Hoe meer roostergoed er beschikbaar is, hoe meer substraat Blue Roof kan maken.” 

Watertemperatuur
Ook Dunea schreef een challenge uit om energieverbruik op termijn substantieel te verminderen. Kraanwater moet in huizen nu nog worden opgewarmd tot een hogere temperatuur dan nodig is voor het gebruik. Dit is om legionellagroei geen kans te geven en warm water dus veilig te houden. Een bedrijf uit Wieringerwerf won deze challenge en werkt deze nu zo uit, dat de wettelijke richtlijnen voor water opwarmen veilig kunnen worden aangepast naar een lagere temperatuur. “Dat noem ik vernieuwing”, zegt Verhoeven. “En dat lukt alleen als je telkens de samenwerking opzoekt en innovatieve bedrijven uitdaagt om mee te doen.” 

Maatschappelijke impact
We bevinden ons al met al nog in het beginstadium, vertelt Verhoeven. “De grote vraag is: wat is er precies nodig? Welke tussendoelen stellen we onszelf als we in 2050 circulair moeten zijn? En op welke manier kunnen we als waterbedrijven van de toekomst echt maatschappelijke impact hebben? Dat is een zoektocht waarbij het enerzijds gaat over hoe je als organisatie zelf kunt verduurzamen en circulair kunt worden, en anderzijds over welke nieuwe wegen je inslaat. En daar zijn soms flinke investeringen mee gemoeid.”

Grondstoffenfabriek
Als het gaat om hergebruik van grondstoffen zijn de drinkwaterbedrijven en waterschappen Vallei en Veluwe en Delfland voortvarend aan de slag gegaan. Zij werken samen in de Grondstoffenfabriek.  Ook gemeenten hebben serieuze plannen. Zo heeft Rotterdam besloten om de grootste waterstoffabriek van Europa te ontwikkelen. Op het gebied van innovatie wordt er veel samengewerkt. Drinkwaterbedrijven, waterschappen, gemeenten, provincies en het bedrijfsleven zoeken elkaar steeds meer op. Verhoeven:   “Het is belangrijk dat we nadenken over welke positie wij als waterschap gaan innemen als het gaat om circulariteit.” 

Volledig circulair
Op de vraag ‘waar staan we in 2050 als waterbedrijven van de toekomst?’ antwoordt Verhoeven met een zekere overtuiging. “Tegen die tijd zijn wij onderdeel geworden van het hele maatschappelijke veld en werken we met publieke en private organisaties samen aan een groene economie. Wij zijn dus volledig circulair. Afval bestaat niet meer en alle reststromen uit het afvalwater worden hergebruikt. Ook is er geen CO²-uitstoot meer. Als we dat willen bereiken is het wel van belang dat we inzicht krijgen in het CO² effect van afvalstoffen en moeten wij maatregelen nemen om verder te verduurzamen. Uiteindelijk is het één grote lange termijn transitie richting een duurzame maatschappij, die werkt aan klimaatoplossingen en zich goed  heeft voorbereid op klimaatveranderingen .” 

Delen

Share on facebook
Share on twitter
Share on linkedin